Burchardt

|pag. 42|

BURCHARDT

XXIIIe. Bisschop van Utrecht.

     Burchart de navolger Conradi was een voorsichtig ende godtvruchtig man, van wat geslachte is onbekent. Heda schrijft, als wat sonderlicks van hem, dat hij mit sijn eigen handen Priesteren ende Diakonen wijede, twelck hoewel eigentlick een deel van sijn bedienonge was, nochtans was datselve een grote deugde ende nedrigheit van hem, ten opsichte van vele andere Bisschoppen, welcke tot sulcken grootheit gekomen waren, dat sij geen priesteren ofte ander kerckelicke personen en wijeden, gelijck of sulcks voor haer weerdigheit te geringe waer, waeromme tot sulcke saecken hadden haere Choor-Bisschoppen, die het Ampt van Bisschoppen ende sij den staet van wereltsch Vorste bekleden.
     Bernardus een treffelick ende geleert man van de selve tijden, als geleeft hebbende omtrent het jaer 1120 heeft in sijn schriften sulcken overdaet ende grootheit van de Bisschoppen, jae selfs van de Pausen merckelick bestraft. Hij schrijft in Cantica Sermone 33: Sij sijn dienaren Christi, ende sij dienen den Antichrist, sij gaen henen geëert van de goederen des Heren, die den Here geen ere betonen noch bewiesen: ende daer vandaen komt die hoerachtige optoeijinge ende oppronckinge die gij dagelicks siet, die lichtveerdige kamerspeelders kledinge, ende die Konincklicke toebereidinge, daer vandaen komt het gout an die peerden breijdels, ande sadels, ende sporen enz. Ende in sijn vierde boeck ad Eugenium: Dit sijn meer weiden der duivelen dan der schapen, ende trouwen, dede dan alsoo Petrus, speelde alsoo

|pag. 43|

Paulus? gij siet dat den gehelen kerckelicken ijver heet is, alleen om die weerdigheit te beschermen ende voor te staen: die eere wort het geheel gegeven, die heiligheit niets ofte weinig; indien gij, wanneer het de saecke vereijscht, poogt een weinig nedriger te handelen of u selven wat gemeensamer te holden: dat sij vere, seggen sij, het en betaemt niet, het en komt niet overeen mitten tijdt, ten voegt voor de majesteit niet bemerckt toch, wat persone ghij draegt, etc. waeruit men kan bemercken, die grofheit, ende verbasteringe dergener die Harders ende Leraers in Godes Kercke souden wesen, ende hoevere sij luden van de deugde, sedigheit, ende ootmoedigheit der ouder Leraren waren afgeweecken. Ist vreemt dat ondertusschen, als die opsienders sliepen, het onkruijdt van velerhande superstitien in den acker des Heren is gesaeit, gegroeijt, ende allengskens opgewasschen? ende mit minschelicke insettingen, ende fabuleuse droomen vervult? Daeromme oock veel goede luden in Italien, Vranckrijck, Duitslant, Nederlant, ende andere landen, siende dat ergelicke leven van die Kerckelicke personen, ende het inkruipen van allerhande minschelicke leere, door onachtsaemheit van diegene die den naem van Leraers hadden, sich opentlick van sulcke Harders hebben onttrocken ende daertegen geleert, als gevonden hebbende die Christelicke Leere ende suijveren Godesdienst, niet uit die mondt van haer Bisschoppen ende praelaten die navolgers van Petro ende Paulo geacht waren, maer uit de Schriften die van Paulo, Petro ende andere van Godt verlichtede leeraers waren nagelaten, selfs doorsoeckende in derselver Schriften als een Testament van Godt opgericht ende haer toegeeijgent, na

|pag. 44|

dat hemelsch erfdeel, dat Jesus Christus haer luden, mit sijn bloedt verkregen hadde.
     Haer wederpartije de Paus van Romen, mit sijnen anhanck noemden haer Waldensen, Lionoisen, Petrobrusianen, hielden haer voor Ketters, omdat sij des Paus opperhoofdigheit, ere der beelden, anroepinge van Sancten en Sauctinnen, wijwater, ende veel andere Romsche lerongen niet voor goedt erkenden, maer verworpen. Sij en sijn niet eerst opgestaen int jaer 1125, maer sijn oock lange voer dien tijdt in verscheiden landen ende Coninckrijcken geweest, als Rainerius Godwel een Monnick ende haer tegenpartijder getuigt, seggende, onder alle secten die daer sijn ofte geweest zijn en is gene schadelicker voer die Kercke Godes, dan der Armen van Lions, om drie oorsaecken wille. Eerst, omdat se allerlanckst geduert heeft, want sommige seggen datse geduert heeft van die tijde Silvestri an, sommige seggen van die tijden der Apostelen af. Ten tweden omdat se allergemeenst is, want daer is naulicks enig lantschap, int welcke dese Secte niet woont en kruijpt. Ten derden omdat alle andere Secten mit de grouwelickheit haerder blasphemiën ende lasteringen tegens Godt, een ijsselicheit ende eenen schrick anbrengen, maer der Lionischen is hebbende een grote gedaente van godtsaligheit omdat se rechtveerdichlick voor de minschen leven, ende alles wel van Godt geloven, alsoock alle articulen die int Symbolum vervatet sijn; allene haten ende lasteren sij de Roomsche Kercke, die welcke die mennigte licht toevalt, om te geloven.
     Die Paus, ende andere Geestelicke Prelaten deden haer uiterste beste dat sij dit volck mochten dempen, ende haer leronge uitroeijen, daeromme sij heijrlegers

|pag. 45|

tegens haer opmaeckten, ende haer allenthalven vermoorden mit swaert, water, en vuijr; waermede sij meinden Gode enen dienst te doen. Doch niettegenstaende sulcken harden vervolginge, welcke ettelicke euwen geduert heeft, sijn sij dagelicks angewassen, ende verbreit in verscheiden landen, in Vranckrijck, Italiën, Duitslant, Engelant, Bohemen, Bulgariën, Dalmatiën ende andere landen. Ende sijn die voortspruitselen van de selve voertgeteelt tot die tijden van Luthero ende Calvino, in de welcke men genoegsame conformiteit van haer luder belijdenisse mit de Gereformeerde Kercke heeft gevonden, die sij oock voorts in Vranckrijck, Bohemen, ende elders sijn toegevallen. Ick hebbe dit selve hier int verbijgaen willen antrecken, opdat den leser moge verstaen, dat hoewel die uterlicke regeronge van dese Westersche Kercke, daer Rome het Patriarchaetschap van gehadt heeft, gepleegt worde van den Paus ende Bisschoppen anhangers sijner lere soo tot Utrecht als elders, dat nochtans alle onse voorouders niet die Pauselicke leere gevolgt en hebben voor die tijden Lutheri, ende Calvino, maer dat selfs van de Apostelen tijden af, vergaderingen ende Gemeinten, die hoewel onder Pauselicke Bisschoppen geseten een afkeer hadden van den Paus, anbiddongen van Beelden, Crucen, Heiligen, missebroot, wijwater, vagevier, bidden voor doden, echteloosheit der priesteren, bedevaerden, overtollige feesten, ende andere superstitiën des Pausdooms, noemende Roomen dat Apocalyptice Babijlon, moeder der hoererijen, ende grouwelicheiden der aerden. Gedrage mij voorts tot de Schriften ende boecken daervan sijnde.
     Maer om weder te komen tot onsen Bisschop hij

|pag. 46|

heeft verscheiden goederen tot Kerckelicke diensten gegeven, ende is daerna gestorven int jaer 1112, en tot Utrecht begraven.

_______

Category(s): Overijssel
Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.