Nog iets over zekere dusgenoemde Kampernoodmuntjes van 1578

NOG IETS

OVER ZEKERE

DUSGENOEMDE KAMPERNOODMUNTJES

VAN 1578

 

In een stukje, geplaatst in de Verslagen en Mededeelingen dezer vereeniging I Stuk blz. 95—99 hebben wij de on­waarschijnlijkheid trachten aan te toonen dat de daar bedoelde en afgebeelde stukjes noodmuntjes zouden geweest zijn en de vraag geopperd, of ze niet eerder mogten gediend heb­ben voor armenloodjes of als bewijzen van betaalde belas­ting? Latere nasporingen in het Kamper Archief hebben die onzekerheid opgehelderd en het vrij duidelijk gemaakt, dat ze de bestemming hadden van verlofbilletten tijdens het verbod van uitvoer van koorn in het laatst der 15e Eeuw.
Onze geachte Voorzitter de Heer Molhuijsen heeft mij dienaangaande medegedeeld hetgeen ik hier laat volgen.

» Na den natten zomer van 1480 en den daarop gevolgden langen en strengen winter was het jaar 1481 een jaar van buitengewone duurte. Het last rogge was van 22 tot 46 rijnsg. en hooger geklommen, en toen het in Augustus dagelijks weer sterk geregend had, tot 60 à 70 rijnsg. De Raad van Kampen had 38½ lasten gekocht, leverde aan bakkers en burgers en beperkte den uitvoer. Scepen en rait mit der gesworen meente overdragen, dat men geen Koern solde wtvoeren sonder oirloff des raits.

[52]

Dair worden twee van den raide to geschikt die den luden teikenen geven, anders en mochten sy wt der Stat niet vueren. Dair op had men wachte in den poirten, ’’ ’’ enz.

C. J.
November 1862.

__________
- Cost Jordens, W.H. (1865) Nog iets over zekere dusgenoemde Kampernoodmuntjes van 1578. Verslagen en Mededeelingen, 3e stuk, 51-52.

Category(s): Kampen
Tags: ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *